Balinese cultuur [Bali; Vleermuizengrot, Tirthagangga, Zoutwinning, Watervallen]; Dag 14 & 15

De wekker om 06:30 begint te wennen (dat is een luxe in Nugi-termen haha), maar toch blijft het soms moeilijk de slaap uit je ogen te wrijven als je lichaam nog graag even zou blijven slapen ;-). Het programma zit behoorlijk vol, maar we krijgen zo wel een goed inkijkje in de Balinese cultuur. Zo zijn we gisteren naar Oost-Bali geweest en bezoeken we vandaag 2 watervallen. Wel ideaal dat er af en toe wat reisafstand naar deze plaatsen nodig is, want daardoor is het heel gemakkelijk om tussendoor wat te bloggen. 

Gisteren gingen we op pad met Dewa, een Balinese gids die ons veel vertelt over wat er te zien en te doen is. Hij heeft prachtige traditionele kleding aan en hij vertelt ons dat dit vanuit de reisorganisatie gestimuleerd wordt, om de Balinese cultuur in stand te houden. Het is een soort van sjiek rokkostuum met een zogenoemde ‘Udung’ op het hoofd; een soort kleine tulband die dient om, zoals de gids vertelt, de gedachten bij elkaar te houden. Dat is dan ook belangrijk voor de mannen om te dragen bij de eerste tempel die we bezoeken ‘Goa Lawah’: een heilige tempel waar men komt voor crematiediensten. De meeste tempels op Bali bestaan uit 3 delen; het voorhof, middenhof en Binnenhof, waarvan de laatste de meest heilige plaats is. Voor we het middenhof in stappen komen we door een poort met twee staanders aan de zijkant. Een soort poort die je op Bali heel veel ziet.

Zo’n poort noem je ‘Candi Bentar’ en vertegenwoordigt beide kanten van het leven: goed en slecht; Barang en Rangda, zoals we ook leerden in de Barong dans van gisteren. Dewa vertelt ons ook dat daar de welbekende ‘Namaste-groet’ vandaan komt: je linker- en rechterhand met de binnenkant tegen elkaar in een soort van bidgroet. Links en rechts staan voor goed en slecht en komen samen in het midden bij je hart en vanuit daar groet je iemand. Belangrijk als je binnen stapt in het heiligste deel van de tempel is met name dat je gedachten alleen bij God zijn. Dat is dan ook de reden dat ze de Udung dragen, om hun gedachten samen te binden. Na het ombinden van een sarong, een soort omslagdoek die je als lange rok gebruikt (zowel voor mannen als vrouwen) mogen we het binnenhof van de tempel in.

Deze tempel staat bekend als ingenieuze vleermuizengrot waar wel 10.000 vleermuizen huizen en rondvliegen. Werkelijk een wonderwel zicht. Desondanks vind ik nog bijzonderder de crematieceremonie die op dat moment in de tempel plaatsvindt. Honderden mensen zitten voor een priester die de ceremonie leidt, allemaal prachtig aangekleed en met mooie offers bij zich. De kledingkleuren bij een crematie zijn geel (van de rijpe rijst en dus voorspoed) of wit (van heiligheid). Hier in Bali kun je op meerdere manieren gecremeerd worden. De eerste optie is gelijk na je overlijden, maar veel mensen hebben hiervoor niet genoeg geld. Daarom worden ze tijdelijk begraven (met het hoofd boven de grond, omdat de geest nog niet is opgestegen) totdat eens in de 5 jaar de massacrematie plaatsvindt. Alle overledenen worden dan weer opgegraven en alsnog gezamenlijk gecremeerd. Dit is goedkoper dan de individuele crematie omdat de ceremonie met meerdere overledenen tegelijk is en daarom ook dat veel mensen hiervoor kiezen. Men brengt offers naar de tempel en na de verbranding wordt de as naar de zee gebracht, waar het met de stroom meegevoerd wordt en de cirkel van het leven opnieuw begint (eigenlijk net als in India). Begraven gebeurt niet in het hindoeïsme, omdat hindoeisten geloven dat de geest alleen naar God gaat als je het lichaam verbrandt). Men huilt overigens niet op een crematie, maar lacht. Dit heeft als reden dat men gelooft dat de geest niet goed los komt van het lichaam als je huilt (verdrietigheid zorgt dat de geest geen afscheid wil nemen) en daardoor op aarde blijft. Crematies zijn daarom vaak een feestelijke gebeurtenis.

Nadat we de ceremonie zonder verstoren verder hebben laten gaan gaan we naar de Royal Pool in Tritagangga; een prachtige rustgevende tuin met kleurrijke planten en bloemen die mooi symmetrisch geplant zijn. Het water geeft een prachtige weerspiegeling en we genieten dan ook even van de rust hier. Na onze lunch besluiten Bas en in nog even te proberen om een geocache te vinden die toevallig op 450 m afstand ligt. Dat blijkt overigens echter wel bergop achter een haarspeldbocht te liggen en dus proberen, voordat de groep het merkt, deze nog even mee te pakken. We rennen in de brandende zon de berg op en het voelt best een beetje bijzonder om even zO vrij te zijn! We worden wat vreemd aangekeken door voorbijgangers, maar ons boeit dat niet zo. En het is eigenlijk ook best lekker om even actief te rennen, omdat we natuurlijk best veel in een busje stil zitten. Uiteraard gutst het zweet van ons af, maar dat nemen we even voor lief als we in korte tijd de geocache proberen te vinden. Er blijkt ook nog eens een werkelijk formidabel uitzicht te zijn over vele etages van rijstterrassen op een berg. Toch heel mooi dat we dat door deze geocache nog even gezien hebben. Helaas lukt het ons niet om hem te vinden en dus rennen we na wat mooie foto’s de 750 m weer naar beneden (gaat toch een stuk gemakkelijker ;-). Niemand heeft gemerkt dat we even weg zijn geweest en we gaan op weg naar onze laatste excursie voor vandaag: het proces van zoutwinning.

We komen aan bij de zee aan de oost-zuidkant van Bali en zien daar een klein bamboe hutje staan op het strand. Terwijl onze gids vertaalt, demonstreert de man hoe het zoutwinnen zonder machines of pompen gaat. Eerst wordt er een laag lavazand gereed en platgemaakt. Vervolgens schept hij in twee halve bollen aan zijn beide zijden water uit de zee. Dit schudt hij daarna voorzichtig vanuit zijn schouders uit over het lavazand waar dit strand uit bestaat. Als het vervolgens gedroogd is (lavazand zorgt dat het water sneller indampt en zich hecht aan het lavazand als kristallen) wordt het in een grote van kokospalm gemaakte bak overgebracht. Onderaan deze bak zit een filter waar het lavazand niet doorheen kan, maar zeewater wel. En dus wordt er over het lavazand opnieuw zeewater gegooid, waardoor de zoutkristallen het lavazand loslaten en weer oplossen in het zeewater en meegaan door het filter via een halve bamboestok naar een volgende bak. Deze bak wordt uitgeschonken over smalle houten bakken met een geul er in. Na drogen in de zon komt het zout tevoorschijn en kan het nog vochtige zout met een halve kokosnoot geschept worden in een bamboemandje met kleine gaatjes. het water gaat er door en het zout blijft over. Waarom je dan dat lavazand nodig hebt en het niet gewoon gelijk kunt laten drogen? De concentratie zout in een bak met zeewater is veel kleiner dan wanneer je zogezegd meerdere keren het water aan het lavazand laat hechten. Daarnaast droogt het sneller in, waardoor dit proces wel 3x per dag herhaald kan worden en er per dag wel 20 kg aan zoutopbrengst te halen is! Wauw, super tof om te zien en mooie foto’s en filmpjes ondersteunen dit mooie verhaal (krijg ik even niet geüpload). We kopen een zakje zout om de lokale werkers te ondersteunen en gaan dan lekker terug naar het hotel. Dat klinkt trouwens simpel, maar is een hele onderneming. De wegen in Bali zijn namelijk prima, maar niet gemaakt op het massale toerisme dat het zuiden ondersneeuwt. Dat zorgt ervoor dat we steeds meer dan een uur onderweg zijn over een afstand van maximaal 8 – 10 km. Volle tweebaanswegen die langzaam vooruit schuifelen is daardoor geen uitzondering. Wij op Kuta zitten ook nog het verst van alle activiteiten af, waardoor wij doorgaans langer in de bus zitten dan de gidsen (die bij het hoofdkantoor zitten in Sanur). Het scheelt ook wel dat de helft van de hoofdweg langs de boulevard ingenomen is door een onmenselijke hoeveelheid citybikes (scootertjes) die je kunt huren om een dagje te gaan touren. misschien zou het schelen als je die weghelft ook gewoon zou kunnen gebruiken om te rijden. Je hebt er dan gemakkelijk weer 2 banen bij ;-). 

‘s Avonds genieten Bas en ik even samen van de (niet helemaal) zonsondergang.

In de avond eten we bij Rosso view langs de boulevard, waar we lekker een avondje Italiaans doen! Carmen bestelt de ‘Volcano pizza’ en krijgt een pizza daadwerkelijk in de vorm van een vulkaan die vervolgens aangestoken wordt. Dat zorgt voor een in de fik staande vulkaan die uiteindelijk inzakt als een krater. Prachtig gedaan en nog mooier dan lekker (al begreep ik dat hij ook prima smaakte ;-))

Vandaag (maandag) bezoeken we twee watervallen: 1 prachtige hoge waterval en 1 waar we heerlijk kunnen zwemmen. En wat supergezellig, want we gaan vandaag op pad met Peter & Dewy en Robbert en Indy (vader en dochter). Superleuk om weer even met een deel van de groep samen te zijn, want de afgelopen dagen hadden we een gezin bij ons wat niet helemaal ons type mensen was en dat hielp niet aan de atmosfeer. Des te gezelliger dus dat we dit even samen gaan beleven. Aangekomen bij de zwem-waterval houd ik dit keer mijn sandalen maar aan, om te voorkomen dat ik net als vorig jaar weer panisch wordt van de vissen die aan mijn voeten gaan knabbelen. Dat waren er toen ineens honderden tegelijk en hoewel ik helemaal niet bang ben van vissen, was het omringd zijn erdoor toen wel een reden om in paniek te raken. Gelukkig blijkt dat mee te vallen hier en gaan Carmen en ik zelfs helemaal onder. We kunnen zelfs nog even IN de waterval staan, waarbij we steeds een behoorlijke plens water in ons nek krijgen, maar het is desondanks een prima gevoel om je onder het natuurgeweld te bevinden. We dobberen wat rond en genieten van het heerlijke water dat qua temperatuur ook prima te doen is. Bas komt er ook even in en ik help hem, zodat hij veilig kan lopen zonder zijn telefoon te laten vallen 🙂 . Ik ga er daarna even lekker bij liggen en eigenlijk zou ik hier wel uurtjes door kunnen brengen; prima water, heerlijk ontspannen. Gelukkig heeft de rest van de groep ook geen haast en dus chillen we lekker en gaan met het groepje op de foto. Naderhand is het opdrogen wel even een dingetje, maar gelukkig schijnt de zon en dus is het nergens echt koud. Eindelijk heeft mijn outdoor-sneldrogende-supertop-vochtopnemende handdoek nut bij het afdrogen! 😀  We lunchen nog gezamenlijk en vertrekken daarna weer terug naar het hotel. Inmiddels weten we dat de tocht van Sanur naar Kuta (+-5km) ongeveer een uur duurt, maar vandaag slaat toch wel alles. We staan over een krappe kilometer 1,5 uur vast en dan blijkt ook nog de weg afgesloten waar we eigenlijk in moesten. En dus moeten we het stuk nog een keer. Hmmm niet zo handig. De chauffeur zoekt een alternatieve route, maar ja aangezien de wegen sowieso niet gemaakt zijn voor tweerichtingsverkeer wordt ook dat al gauw een vastzittende chaos. Desondanks houden we het hoofd koel (met airco in de bus ;-)) en wachten af. We maken al grapjes dat we eigenlijk dit laatste stuk beter kunnen gaan lopen, maar vinden dat zielig voor de chauffeur die gezien het eenrichtingsverkeer dan in zijn eentje er doorheen moet. Dan ineens moet Carmen naar de wc na 2 uur onderweg te zijn en stapt samen met Arie uit om een toilet te zoeken. Wij schuifelen rustig verder en dan ineens begint het te rijden! En best aardig ook! Mama stuurt de route door, maar uiteindelijk vinden zij hun eigen route, die zelfs nog sneller blijkt te zijn. En als wij na 3 uur rijden uiteindelijk bij het hotel aankomen staan zij al netjes op ons te wachten. Maar goed, we hebben in ieder geval wel een mooi stukje sightseeing Kuta gedaan haha. We weten niet precies wat er aan de hand was, maar de halve dag excursie werd zo een hele dag ;-). Op naar het zwembad dan nog maar even om op te frissen voor de avond :-), want aan de middag hebben we niet veel meer. Desondanks zaten we met leuke mensen in de bus, dus dat is nooit een straf 😉

Inmiddels raken we ook wel gewend aan Bali. Wat vooral relax is, is dat je je koffer niet in en uit hoeft te pakken iedere 2/3 dagen, waardoor je echt wat meer dat huisgevoel kunt creëren. Daarnaast hangt het erg af van welke gids we hebben hoe interessant alles is. Onze gids van gisteren, Dewa, was echt een topper en kon zeer interessant vertellen over het hindoeïsme en je merkte dat hij een passie had voor Bali. Vandaag was het vooral fijn dat we bij de watervallen als 1 van de eerste groepen aankwamen. Daardoor had je nog echt even het idee dat je er alleen was en niet de grote groepen toeristen voor je waar niemand op zit te wachten. Ik ben blij dat we wat te zien krijgen van de mooie natuur die Bali ons te bieden heeft en het zeker waard is. 

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *