Let’s get Local [Coporaque & Titikakameer]

Onze Peru-experience begint nu wel heel bijzonder te worden. Vannacht logeerden we bij een boerenfamilie op het schiereiland Luquina. Daar hielpen we wat mee met voorbereidingen van koken e.d en hebben wat van de lokale cultuur geprobeerd op te snuiven. Zij spreken geen Engels, wij geen Spaans, maar met handen en voeten kom je een heel eind!

Onze laatste ochtend in Chivay/Coporaque (Colca Canyon) bezoeken we een lokale dame. Onverwachts worden we niet opgehaald door Mila, maar door een lokale taxichauffeur die de naam ‘Brouwers’ op zijn Spaans redelijk uitgesproken krijgt. We mogen dus met hem mee en even weten we niet wat nu te verwachten. Na een eindje rijden komen we in een smal straatje, waar net een klein kindje in schooluniform de deur uit rent. Verderop gaat de deur waar de chauffeur op klopt, niet open. Even staan we ongemakkelijk te wachten (de chauffeur ook), maar al gauw komt onze steun en toeverlaat aan: Milagros. Ze stelt ons voor aan Victoria, die ons verwelkomt in haar huis. We gaan vandaag quinoa schoonmaken (oh ja de klemtoon ligt dus op de ‘quin’ en niet op de ‘no’). We doen allereerst een omslagdoek om met daarin de quinoa. Die doek draag je letterlijk op de zijkant van je schouders en iedereen hier loopt dan ook met zo’n doek. We lopen een blokje om naar het huis van haar familie waar en grote steen met holte staat. Daarin gaat de quinoa, waarna we er op gaan dansen met blote voeten om de schilletjes van de quinoa af te krijgen.

Het is een grappig gevoel aan je voeten en heel de buurt loopt uit om ons te zien dansen. Ze doen ook nog even voor dat we meer met onze heupen moeten bewegen en een geanimeerd gesprek ontstaat als ik de bak uit stap, het eelt onder mijn voeten quinoa bevat. De aardige man van 68 veegt het er af en kijkt vervolgens verschrikt naar Bas of hij dat eigenlijk wel mocht doen haha,die zich daar totaal niet druk om maakt lol. Na het ontvellen van de quinoa gaan we het stof van de quinoa scheiden door het op een doek vanuit het schaaltje te laten vallen. De wind neemt dan het gruis mee. Het is heerlijk relax werk en er heerst een ontspannen sfeertje.

We kijken even later nog bij de groentetuin die ze heeft en de cavia’s die gekweekt worden voor het welbekende gerecht hier Guinea Pig of Cuy al horno. Ze zien er best schattig uit, worden goed verzorgd 🙂

Terug bij haar eigen huis gaan we de quinoa wassen en wij zijn nu al van mening dat al deze handelingen in Nederland met de quinoa onmogelijk gedaan worden. Desondanks merken we later dat het er wel veeeeeel lekkerder van wordt. Het wassen gaat in etappes. Quinoa in de emmer, water erbij en wrijven maar (net als met de was). Is het water gelig, dan wordt het afgegoten en wordt er nieuw water bij gedaan. En dat zo 6/7x tot het water transparant is. Dit proces haalt de bittere smaak weg!

Het is echt genieten en we balen dan ook als we weer moeten gaan. We bedanken haar hartelijk en gaan op weg naar Puno met de bus. Maar niet voordat we een afscheidskroel hebben gegeven aan de huis-alpaca van het hotel van onze Canadezen.

En helaas, zodra we afdalen word ik weer niet lekker. Misschien van de hoogte, misschien van het eten, maar tegen de tijd dat we in Puno aankomen gaat het niet de goede kant op met mijn buik. Om de 10 minuten lijkt hij zich volledig om te draaien en dat is niet bepaald bevorderlijk voor de eetlust. Toch maar wat eten uiteindelijk en dat wordt voor Bas vandaag CAVIA!

Het bevalt hem best aardig, alleen er zit minder vlees aan dan verwacht. UIteraard is ie zo blij als een ei dat ie het geprobeerd heeft! Ik neem een veilig kippensoepje en kleine pizza, maar van beiden eet ik niet veel. Het komt het restaurant ook niet uit helaas, want zodra ik naar de wc loop en de lucht uit de keuken mijn misselijkheid raakt ben ik nog net op tijd bij de wc om alles er uit te gooien.

Voordeel daarvan is wel dat ik me daarna veel beter voel, hopelijk dan toch niet de hoogte waar ik last van heb? Inmiddels zijn we namelijk op 3800 meter hoogte aanbeland en dat zorgt voor weinig zuurstof en snel buiten adem. Maar misselijkheid en buikpijn ook? Enfin, om 9uur liggen we er in en we slapen al snel.

Nachtrust heeft mij goed gedaan, maar Bas iets minder. Het wordt voor ons beiden een licht ontbijt, voordat we om 07:00 opgehaald worden voor een tocht over het Titikakameer, het hoogst bevaarde meer ter wereld met 3812 meter en het is echt hugeeee! Net een zee! Het eerste deel bij Puno is helaas zeer verontreinigd. Jaren geleden ontstond veel migratie naar Puno, zo vertelt onze gids. Daarbij raakten veel systemen overbelast, zoals ook de riolering. Op een gegeven moment is dit geklapt, waardoor dit terecht gekomen is in het meer. Je ruikt het ook echt nog; het deel bij Puno is net een open riool. Ze zijn hier echter hard bezig om de verontreiniging te laten verdwijnen door bioculturen dit te laten eten, maar er gaat een poosje overheen voordat dit gereed is. Gelukkig is het meer behoorlijk groot en is de rest van het meer niet verontreinigd.

We zijn nog een beetje wappy allebei als we na een uur varen aankomen bij Taquille; een zelfvoorzienend eiland, waar de mensen in een community leven en elkaar overal bij helpen. Eventuele ruzies, die er nauwelijks zijn, worden opgelost door de burgemeester van het eiland en ze hebben voornamelijk hun eigen politiek waar ze vanuit gaan. Alles wordt hier hergebruikt en dus worden sandaalzolen gebruikt voor het dichtmaken van hekjes.

We klimmen een eind, raken uiteraard buiten adem (hoe doen die Belgen in onze groep dat die als klimgeiten zonder moeite omhoog komen), we zijn nog niet helemaal waar we zijn willen. Bovenop hebben we wel 360 graden view over het eiland en overal om je heen zie je zee (en een stiekeme geocache ;-))! Indrukwekkend mooi. De klim zeker waard!

We kijken nog even bij de lokale mensen die de werelderfgoedlijst hebben bereikt met hun weefkunsten en kopen daar nog een bandje (want we hadden er nog geen 10 ;-)). We drinken hier nog een coca thee (je weet nooit of we toch last hebben van de hoogte en misschien helpt het) en gaan daarna verder.

Voordat we bij het eiland van de lunch aankomen worden we midden op open water nog even aangehouden door de plaatselijke coast guards, die met zwaailicht en herrie even onze boot komen infiltreren. Dat is nog best spannend zo even, maar gelukkig heeft onze meneer de bootchauffeur alles netjes in orde en mogen we naar de lunch. Daar worden we geheel onverwacht in het zonnetje gezet, omdat dit onze huwelijksreis is en krijgen een prachtige bloemenkrans met Inca-bloemen omgehangen. Uiteraard voelen we ons even ongemakkelijk door de vele aandacht ineens, maar gelukkig is dat snel over als we gaan lunchen 😀

Die wordt geserveerd vanuit een BBQ onder de grond, helemaal bedekt met doek, gras en stenen. Het is heerlijk eten en behoorlijk veel zelfs. Ook hier hebben ze weer diertjes en Bas en ik besluiten ze te vertroetelen. Onze gids vertelt ons dat ze altijd blij zijn met toeristen, omdat ze altijd zo lief zijn voor de dieren. In Peru worden dieren gezien als nut of bijdrage voor de mensen; niet per se als huisdier. De dieren krijgen dan ook niet heel veel verzorgende aandacht. Alle aandacht die ze krijgen is dus voornamelijk van toeristen.

Na de lunch bezoeken we nog de Uros eilanden, de drijvende eilanden met een basis platform van 2 meter diepte aan riet. We krijgen een keurige uitleg over het maken van deze eilanden, wat gedaan wordt door wortelplakken van 10×15 meter los te zagen en aan het eiland te binden met ijzers en dan touwen er tussen. Dit wordt vervolgens bedekt met 2 meter riet! Het riet wordt steeds aangevuld, omdat het riet gaat rotten en steeds verder naar beneden zakt. Een bijzondere leefgemeenschap en onze gids van vandaag vertelt ons over de inteelt binnen deze gemeenschap omdat al deze mensen familie zijn, maar door het gebrek aan nieuwe mensen trouwen ze vaak met neven/nichten waardoor nu veel gehandicapte kinderen geboren worden. Men heeft geprobeerd mensen te ontmoeten in Puno en mee te nemen naar de eilanden, maar helaas willen maar weinig mensen op de drijvende eilanden wonen.

We kopen bij een lokale dame een kussensloop voor in de bank met mooi geweven figuren en gaan door naar onze eindbestemming voor vandaag: Luquina; schiereiland van het Titikakameer, waar we vandaag zullen overnachten bij een lokale familie.

Eind van de middag komen we aan bij ons gastgezin voor vannacht. De vrouw des huizes, Lucia, komt ons ophalen van de boot, prachtig gekleed in een drielaagse kleurrijke rok en een mooi handgemaakt bovenwerk en een traditionele hoed op. Met handen en voeten zou moeten werken, maar we zijn toch wel een beetje zenuwachtig. Behalve Buenos tardes en gracias komen we natuurlijk niet heel ver.

Aangekomen bij het uitstekende huisje weet de dame ons met handen en voeten te vragen of we willen helpen. Ja natuurlijk! Graag zelfs! En even later ontpellen we dus erwtjes, ook grote bonen en vervolgens ontvellen van de bonen.

Later mogen we nog mais ontkolven en aaien we de lokale hond: Brocky, die meer dan blij is om van ons aandacht te krijgen.

En daarna wordt het even lastig. Ik probeer een gesprek op gang te brengen met de vertaalgids over de dochter die er ook is, maar het gesprek duurt kort met si/no. Na een tijdje stilstaan besluiten we maar even onze slaapkamer in te gaan.

En daar liggen we dan, op de heerlijke, voor ons klaargezette bedjes. We voelen ons allebei een beetje ongemakkelijk. Want tja, beiden best wel aanpakkers, maar leg maar eens uit dat je graag iets zou willen doen om te helpen. We willen ze niet het gevoel geven dat ze de hele tijd ‘last’ van ons hebben en klusjes moeten bedenken, maar juist ook niet dat ze vinden dat we lui zijn. We willen graag voldoen aan hun verwachting: willen ze dat we helpen? Of juist niet? In de deuropening gaan staan en wachten voelt heel ongemakkelijk, maar hier zitten in de kamer eigenlijk net zo, want misschien vinden ze dat wel heel raar. Maar ja aan de andere kant: een gesprek voeren is heel lastig met enkel een taalgids op zak. Misschien ook wel goed voor ons om te leren dat we niet aan andermans verwachting moeten proberen te voldoen, maar aan enkel onze eigen. We worden er desondanks heel onrustig van niet te weten wat er van ons verwacht wordt…

Na een tijdje ijsberen besluiten we toch richting eetkamer te gaan en gaan we vrij snel eten. We eten quinoasoep (jammie!) en een aardappelbonenschotel met rijst. Van de soep zaten we al aardig vol en het hoofdgerecht is zo mogelijk nog meer, maar uiteraard eten we ons bordje netjes leeg, zeker ook omdat het heerlijk gemaakt is. Gezond ook denken we, want het bevat alleen rijst en groenten. Na wat zoekwerk krijgen we ‘deliciosi’ uit ons systeem om aan te geven dat het eten heerlijk was. We wisselen met behulp van onze grote vriend Google Translate wat woorden Nederlands-Engels-Spaans-Aymara (lokale pre-Inca-taal) uit met elkaar. Een gesprek voeren blijft vrij lastig, maar we doen van beide kanten ontzettend ons best en voor hen is het waarschijnlijk net zo lastig als voor ons. Onze WC bevat geen water en na de prachtige vertaling “Señor el deposito de aqua del retraite esta vacio” wordt het kraantje aangezet en kunnen we weer fijn doortrekken (het is al een luxe dat we hier überhaupt een wc hebben!). We helpen met de afwas en daarna is het slaaptijd wordt met gebaren uitgelegd.. We liggen nu dus gewoon om half 8 op bed. Haha supervet! Maar best logisch eigenlijk, want als je de hele dag hard gewerkt hebt en het is donker; is het eigenlijk wel gewoon prima geweest toch? De wekker zegt dat we nog 11 uur en 27 minuten slaap hebben en dus gaan we nog even foto’s bewerken/bloggen. Even later begint het onweer, vervolgens de regen, daarna de hagel en dat alles op ons golfplaten dakje, maar behalve de herrie blijft alles prima heel en wij liggen warm in onze slaapzak (verder geen kachel hier en het is 0 graden Celsius); we komen de nacht wel door. We denken nog even aan de mensen op de rieteilanden, die deze dekselse herrie en zooi ook over zich heen krijgen en nadat Brocky vanuit de verte is komen aanrennen door de regen, even jankt voor de deur en binnengelaten wordt, vallen we in een diepe lekkere slaap.

In de ochtend na het ontbijt van 10 havermoutbaksels (waarvan wij er 4 eten, omdat we vol zitten) gaan we met de dochter des huizes op pad. Geen idee wat we gaan doen, want tja; dat we mee moeten komen is duidelijk, maar leg maar eens uit wat we gaan doen… ;-). en dus wandelen we de berg op (auch, mijn conditie is helemaal weggezakt op 4000 meter hoogte als mijn hartslag met elke stap naar 140 vliegt en de zuurstof mijn longen maar nauwelijks bereikt). Na een pittige wandeling gaan we de schapen naar het weiland begeleiden. De hond des huizes komt ineens tevoorschijn en samen met dochter lopen we heel de berg af met de 20 schapen richting een plaats waar ze mogen grazen vandaag.

Dat is leuk om te doen en nuttig ook! De schapen hebben allemaal touwen als soort van halster met een lang touw er aan. waarmee we ze vervolgens aan haringen vastmaken, zodat ze niet te ver weg kunnen lopen. Hier heb je namelijk geen afgesloten weilanden, maar alleen maar open vlaktes :-). Heeft wel zijn charme. Bas en ik slepen dus wat schapen mee en binden ze een voor een vast. Ongeveer 3 per haring. Waar we naar beneden gelopen zijn moeten we natuurlijk ook weer naar boven en dus begint de uitdaging voor mijn astma-longetjes weer. Waarschijnlijk door de geringe hoeveelheid zuurstof op deze hoogte in combinatie met mijn nauwere longblaasjes dat er te weinig zuurstof binnen kan komen om te verwerken. Daardoor gaat mijn hart harder pompen en schiet mijn hartslag naar 150-160. Praten gaat dan ook echt niet meer… Stukje bij beetje gaat het wel wat beter gelukkig en voornamelijk bergopwaarts gelukkig. Onze volgende taak is het oogsten van de bonen die we gisteren ook klaargemaakt hebben. We krijgen allebei een sikkel en zagen daarmee de gegroeide bonenstengels door.

Vervolgens gaat dit in een doek die weer op de schouders gedragen wordt.

Bas mag de doek dragen, ik vrees omdat ze medelijden met mij heeft als ik gewicht de berg op moet dragen naast het controleren van mijn ademhaling. Dat is wel vervelend trouwens, want met mijn conditie is eigenlijk niets mis. Ik voel me dan ook een beetje oud en versleten als ik weer puffend bovenaan de berg sta. We gaan terug richting onze homestay waar we een berg maïskolven mogen ontkolven. Leuk en lekker werk om te doen in het zonnetje, liggend op een doek op onze buik. Daar zijn we ook weer even zoet mee.

En dan is het tijd voor de lunch… ik zit eigenlijk nog vol van het ontbijt, maar ik laat de lekkere quinoasoep niet staan natuurlijk. Hierna vindt even een stressvol moment plaats (althans, dat merken we aan de drukke bewegingen van onze gastvrouw). We moeten namelijk naar een ceremonie met traditionele kleding en dansen (dat laatste hoeft voor ons niet per se overigens ;-)).

Mooi aangekleed maken we dit moment mee en daarna blijkt dat er nog een deel van de lunch is. Wederom een vol bord met rijst, kaassnack, 6 aardappels (3 verschillende soorten), maïskolf (huge) en wij vinden het heel lief, maar kijken elkaar ook een beetje moeilijk aan, want dit gaan we echt noooit op krijgen, maar leg dat maar eens netjes uit… we eten zoveel we op kunnen en wrijven dan toch wel over ons buik, wat gelukkig goed gesnapt wordt. Toch wel lastig, communiceren zonder verbale taal.

Na de lunch wordt mijn haar ingevlochten door de dochter en dan is het alweer tijd om te gaan. We maken nog een foto en nemen dan afscheid van ons lokale gezin. Het was een heel bijzondere ervaring om mee te maken. Op bepaalde momenten dachten we echt: wat zijn we hier in godsnaam aan het doen en wat voegen we hier toe, maar op momenten zoals de ochtend; waarin we ons nuttig kunnen maken en misschien niet praten, maar wel elkaar begrijpen was het supergaaf. Het was een heel waardevolle ervaring die we zeker niet hadden willen missen en ook niet snel zullen vergeten. Prachtig om te zien hoe het leven zo simpel en zo relax ook kan zijn, zonder deadlines. Onze gastvrouw was bijna de gehele dag aan het koken, aan het zorgen. De man aan het werk en komt met zonsondergang thuis (geen tijd, gewoon als de zon onder gaat), dochter helpt in het boerenleven. Ergens heeft het wel wat; geen stress en gewoon doen wat nodig is, maar als je eenmaal weet wat het ontwikkelde leven inhoudt, is teruggaan niet zo heel gemakkelijk.

Wat ook wel echt anders is, dat je normaal altijd een gids bij je hebt die je kan helpen met bijv vertalen, zodat je elkaar begrijpt. Doordat je die niet bij hebt, ben je volledig aan elkaar overgeleverd en daar leer je wel het meest van. Je moet het dan echt helemaal zelf doen! En met onze Spaanse kennis was dat echt een uitdaging. Een belevenis kun je het dus echt wel noemen, maar zeker geen waar we spijt van hebben, maar een waar we op terug kunnen kijken met gave gevoelens. We waren echt even local.

Heel persoonlijk gezegd ben ik wel blij om weer gewoon terug te gaan naar ons eigen hotel, waar we weer helemaal onszelf kunnen zijn samen en ons niet aan hoeven te passen aan de verwachtingen (die er waarschijnlijk helemaal niet zijn) van anderen… maar dan wel met deze levenslessen in de pocket!

Share

2 gedachten over “Let’s get Local [Coporaque & Titikakameer]

  1. Wat een unieke, mooie maar ook uitdagende ervaring 😅. Weer levendig beschreven met prachtige foto’s. Heel veel plezier verder. 😘

  2. He Ine en Bas
    Wat leuk om zo een beetje met jullie mee te kunnen reizen.
    Veel plezier verder en ben benieuwd naar jullie Machu Pichu trail. Die heeft Annelies destijds ook gedaan met haar mede-studenten.
    Groetjes, tante Sonja

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *