Pieken en dalen [Salkantay-trail]

Afgelopen zaterdag begonnen we aan het heftigste en uitdagendste deel van onze huwelijksreis: de Salkantay-trail. De zwaarst mogelijke hike rond Machu Picchu. Een hike van 3 volle dagen langs de Salkantay-pass, waarbij we op dag 4 Machu Picchu bezoeken. Ontzettend heftige, zware, vermoeiende, emotionele dagen waarbij vooral ik de beperkingen van mijn eigen lichaam tegen het lijf loop. De ontlading is dan ook des te groter als ik midden op dag 2 het hoogste punt bereik op 4628 meter. Doodmoe, kapot en eigenlijk te weinig zuurstof voor mijn longen. Maar we hebben het overleefd en wat een ervaring!!

Zaterdag

Als we zaterdagochtend om 04:50 opgehaald worden, slapen we eigenlijk nog half. We zijn niet op ons best in de ochtend en zeker niet zo vroeg. Onze gids van deze 3 dagen heet Victor en heeft er duidelijk zin in. Deze man van 55 jaar leeft van de bergen en ademt dit in en uit. We hebben er gelijk zin in. Op onze weg richting het startpunt in Mollepata (2900m) halen we nog 4 andere dames op: 2 Italiaanse dames (Benedetta en Monya), 1 Spaanse dame (Monsja) en 1 Amerikaanse meid uit Chicago (Erica). Naast deze deelnemers nemen we ook 2 chefs mee om te koken en een ‘horseman’ die ervoor zorgt dat met 4 paarden al onze zware spulletjes op elke volgende slaapplaats komen. Daarnaast gaat er ook nog een extra gids mee, omdat Erica eigenlijk bij een andere organisatie geboekt heeft en dus een eigen gids (Alex) heeft.

We hopen goed voorbereid te zijn, want met onze eigen slaapzakken, thermisch ondergoed, nieuw gekochte beenwarmers, handschoenen, mutsen, sjaals, trui, waterdichte jas en poncho zouden we dit avontuur moeten kunnen trotseren. Zenuwachtig ben ik wel, want we zullen slapen in tentjes en warm zal dat misschien niet worden. Maar aangezien iedereen ons gezegd heeft dat we goed voorbereid zijn, hopen we dat het goed komt. Ik ben nog een beetje extra zenuwachtig, want de afgelopen week heb ik al wat verschijnselen gehad van hoogteziekte en ik heb wat last van mijn rug, dus ik hoop dat dat allemaal goed komt.

Aangekomen bij onze vertrekplaats schijnt de volle zon en kunnen we in de verte Salcantay al zien.We beginnen in ons t-shirt en leren onze medereizigers kennen. Victor, onze familyman, geeft ons gelijk aan dat we de komende dagen 1 familie zijn, dat we voor elkaar moeten zorgen en dat we samen dit gaan doen. Een heel prettig gevoel wat hij creëert en ook gelijk uit straalt. En dan gaan we op pad voor ons eerste tochtje en kletsen wat rond. Dat is nog best lastig met sommigen, want een deel van onze groep spreekt enkel Spaans (de Spaanse dame en 1 van de Italiaanse dames). We zullen echter merken dat deze dagen ons Spaans zienderogen beter wordt door het vele Spaans dat we horen. We hebben eigenlijk gelijk een goede connectie met Erica, die allereerst onze taal spreekt (althans Engels dan dus) en daarnaast een beetje dezelfde mindset heeft. We beginnen gelijk met een klimmetje en daar merk je al gelijk het zuurstofverschil. Met vier stappen omhoog voelt het alsof je tien trappen beklimt en dan zijn wij, in tegenstelling tot onze medereizigers, al aardig geacclimatiseerd. We krijgen allemaal 3 coca-blaadjes die we gaan offeren aan de pachamama, de God van de bergen om ons een voorspoedige reis te bezorgen. Dat doen we door met de blaadjes richting de berg te wijzen en er langs te blazen. Vervolgens leggen we deze blaadjes op een zelfgekozen plaatsje waarmee we onze offering compleet maken. Victor is een spiritueel mens en geeft ons op deze manier een mooi inkijkje in de oude Inca-cultuur.

We lopen en kletsen wat af en tegen de lunch komen we aan bij Soraypampa, onze lunch- en slaapplaats voor vandaag, op 3910 meter hoogte. De lucht is hier ijl, maar WIFI hebben ze er wel. Daar maken wij echter geen gebruik van, want dit is te gebruiken in het hotel en wij slapen vanavond in tentjes. Naast de koude, grote lunchruimte (een open gebouw midden in de wind) staan onze tentjes voor vannacht, omringd door een speciaal soort gras die ervoor zorgt dat er wat wind tegengehouden wordt. Het is al behoorlijk koud, zo rond 14:00 en we leggen onze slaapspullen op ons gekregen matje.

Onze tocht voor vandaag zit er echter nog niet op, want na de lunch wandelen we naar Humantay ‘hoofd van de man’ (uit de officiële Peruaanse Incataal “Quechua” (nu weet je waar Decathlon de merknaam vandaan heeft)). Warm is het niet op 3900 meter en voor onze tocht naar het meer op 4100 meter moeten we ons dan ook goed aankleden. En dus: 4 lagen kleding aan, muts op, handschoenen aan en gaan. De klim is zwaar, maar is een goede training voor morgen, wanneer het nog veeeel zwaarder gaat worden zegt Victor. Bas gaat als een tierelier omhoog, maar mijn hartslag heeft moeite om mijn benen bij te houden. Regelmatig stoppen is dus een must. Ik probeer een tred te vinden waarin ik langzaam loop, maar wel boven kom maar dat kost me veel moeite. Het kletsen van eerder vanmiddag stopt al snel en de focus gaat naar het lopen. Het beetje hoofdpijn dat ik al heb wil daarbij niet helpen. Gelukkig ben ik niet de enige die moeite heeft en dus doen we lekker rustig aan en wachten op elkaar. Na een uurtje komen we aan bij Humantay en ik ben er al wel even klaar mee; moe, en uitgeput van mijn hoge hartslag die me beperkt om mijn fysieke conditie zijn werk te laten doen. Na 10 minuten bijkomen kan ik weer enigszins lachen en maken we wat mooie foto’s met de groep.

We lopen terug naar het basiskamp en gaan daar aan het diner. Moe is iedereen wel na deze lange dag en het is inmiddels onder nul in de eetzaal. Je daarop kleden is lastig en mijn winterjas ligt nog thuis. Toen we pakten voor deze reis was het 30 graden in Nederland, nergens in je hoofd heb je dan het idee om je wintersportspullen mee te nemen om het niet koud te krijgen. Mijn gekochte sjaal wikkel ik om mijn hoofd en muts en 4 lagen bezwete kleding blijven aan. Het (overigens heerlijk gekookte) eten smaakt iets minder door de kou en ook mijn gewoonlijke kletsjes zijn ver te zoeken. We kijken op tegen de nacht, omdat we het nu al koud hebben. Rond 19:30 is het diner voorbij en we laten onze Dopper-fles vullen met kokend water voor in onze slaapzakken vannacht. Het is tijd om te gaan slapen, om half 8!! Maar aangezien we gewekt zullen worden om 05:00 morgen en de dag vermoeiend genoeg was (+ het is koud en wat wil je verder doen), volgen we dit advies uiteraard op. Hier op 3900 meter is de Melkweg goed te zien en Bas maakt een prachtige foto van het sterrenstelsel.

Victor vertelt ons vlak voor het slapengaan dat we waarschijnlijk wel even wakker zullen worden tussen 03:00 en 03:30, omdat het dan het koudst van de nacht is. Daarna zal het echter opwarmen en gaat het waarschijnlijk beter. Met redelijke moed kruip ik mijn slaapzak in, wel nadat ik mijn thermobroek, pyamabroek, 2 paar sokken, beenwarmers, thermoshirt, longsleeve en t-shirt aangetrokken heb. Oh en vergeet natuurlijk niet de muts op het hoofd om niet teveel warmte te verliezen. Ik ben echt bang voor de nacht met deze kou in deze tent.

Dankzij de hete fles blijven mijn voetjes een beetje warm en ik val in slaap. Ik word wakker en ga er vanuit dat het 03:00 is, omdat ik het koud heb en dit waarschijnlijk het koudste moment is. Ik check mijn horloge en het is….

21:30….

21:30 en ik heb het nu al ijskoud. Ik tel vooruit en het duurt nog 7,5 uur voordat Victor ons zal wekken met Coca-thee. Intussen draaien mijn darmen overuren en laat ik bijna iedere 20 seconden lucht los in de vorm van scheten. Ook boeren met een vreselijke lucht willen mijn lichaam verlaten. Ik draai en draai en probeer mezelf weer warm te krijgen, maar de hete fles is inmiddels afgekoeld en mijn slaapzak zou -5 aan moeten kunnen, maar waarom heb ik het dan toch koud?! En voel ik het nou goed of moet ik naar de WC? Ik draai nog een keer en probeer mezelf in slaap te manen, maar het lukt niet. Mijn ademhaling zit ook hoog trouwens en mijn hartslag zit nog steeds rond de 95. Ik heb toch geen hoogteziekte? Ik voel hoofdpijn opkomen. Ik probeer bewust op mijn ademhaling te letten en mezelf te kalmeren om te voorkomen dat ik naar de WC moet. Als ik er uit moet is het namelijk ijskoud en word ik helemaal niet meer warm. Mijn hart blijft pompen, kan het mij wel warm houden als ik het zo koud heb? Niet gek dat je dan niet slaapt als je lichaam alle energie nodig heeft voor opwarming?! Langzaam maak ik mezelf helemaal gek in mijn slaapzak en ik merk dat ik in paniek begin te raken. Het is 22:45 en ik moet nog 6 uur en een kwartier. Was het maar ochtend. 2 uur slaap is kut op een dag als morgen die loodzwaar wordt, maar ik ga zo echt niet meer in slaap vallen.

Bas wordt wakker van mijn gepaniek, ik ben emotioneel, vraag me af waarom we dit in vredesnaam aan het doen zijn. Dit is toch niet leuk? Bas praat met me en ademt met me mee om mijn hartslag naar beneden te krijgen. Ik ga even rechtop zitten en moet dan rennen naar de wc voor diarree. Hoofdlampje op, in mijn schoenen en toch maar naar buiten. Nadat ik terugkom praten we nog een tijdje en kalmeer ik weer een beetje. Mijn scheten en boeren blijven komen en slapen doe ik eigenlijk niet meer, het blijft te koud. Bas gelukkig wel.

Zondag

Als we om 5:00 wakker gemaakt worden door Victor met een kopje warme Coca-thee (de enige manier om hier warm te worden) ben ik blij dat we er uit mogen. Het vriest nog steeds. Ik hou mijn thermobroek aan, doe mijn outdoorbroek er overheen, beenwarmers, paar sokken, thermoshirt aan, long sleeve, sportvestje, trui, das, muts. Mijn rugpijn is vannacht erger geworden, mijn buik en darmen willen niets meer produceren met ernstige steken tot gevolg en mijn longen doen half werk. Ik ontbijt nauwelijks en kijk op tegen de dag. We gaan aan de gang om 06:00. De dag bestaat vandaag uit de eerste 4 uur klimmen van 3900 meter tot 4600, niet geleidelijk aan maar steil steiler steilst. Misschien lijkt dat niet moeilijk en voor mij is dat het ook niet in Zwitersland krap 2000 meter lager, maar hier is dat het overduidelijk wel. Zodra mijn rugpijn en buikpijn elkaar opzoeken kost elke stap een steek. Het eerste stuk is zo steil nog niet, maar ik loop al snel achterop door de pijn. Ik ben niet de enige die slecht geslapen heeft, Monya heeft ook veel last van haar buik. Al gauw is zij de eerste die overgeeft vandaag. Bas is mijn motivational coach en zegt lieve dingen om me te helpen, maar lachen kan ik niet. Mijn longen willen na elke 3 stappen rust, maar dat kan gewoon simpelweg niet. Victor zegt ons dat de buikpijn door de nacht komt. Ik neem een paracetamolletje in, krijg wat ‘florida’ voor de maag en ga weer door. Na ruim een uur komen we aan bij Salkantaypampa (4100m-pas 180 m hoger) en gaat het echte klimmen beginnen. En terwijl iedereen er klaar voor is, ben ik nu al helemaal buiten adem. Serieus, nu gaat het klimmen beginnen?! Ik ben serieus kapot. Mijn buik is inmiddels een beetje gekalmeerd, maar omhoog?! Ik zie het even helemaal niet meer zitten, moet huilen en kan me gewoon simpelweg niet voorstellen dat ik dit helemaal tot boven ga redden. Mijn rug steekt van alle kanten en ik kom echt adem tekort. Ik probeer mijn mond volledig open te houden om alle zuurstof op te nemen, maar het is gewoon te weinig, mijn hartslag vliegt alle kanten op. Hoe ga ik dit in hemelsnaam doen?! Gelukkig is Bas er om met me te kroelen en me moed in te praten, maar eigenlijk zie ik het gewoon niet gebeuren. Waarom doe ik dit in hemelsnaam met mijn astmatische longen?! Ik kan dit gewoon niet…

Victor ziet het gebeuren en komt mijn rugzak voelen, veel te zwaar. Mijn waterzak neemt Bas over, alsmede mijn iPad. Victor gooit mijn rugzak over die van hem heen en leent me zijn stokken om wat stabiliteit te creëren. Misschien dat ik minder rugpijn heb op die manier. Even gaat het best goed. Minder druk op de steken in mijn rug en ik kan best aardig klimmen, als ik rustig aan doe. Maar met elke meter hoger, wordt ook de zuurstof in de lucht minder. Steeds als ik een paar stappen zet moet ik een paar stappen rusten; net als Monya overigens, wiens buik nog steeds niet gekalmeerd is. Even verderop moet ik bijna overgeven van de grote inspanning en de hoge hartslag, maar het gaat nog net goed. Bas blijft regelmatig bij me om me te helpen, zijn tred is echter sneller en ook dan blijft het moeizaam. Gids 2, Alex, zegt steeds als we even rusten dat we weer door moeten gaan. En zo gaat het 3 uur lang. Na een tijdje ontdek ik dat ik meer zuurstof binnen krijg als ik door mijn neus inadem. Het voelt dan wel alsof je een beetje misselijk wordt, maar ik heb het gevoel dat ik mijn ademhaling dan iets langer onder controle kan houden op deze hoogte.

Neus in, mond uit, neus in, mond uit, neus in, mond uit en weer een paar stapjes omhoog. Neus in, mond uit.

Ik merk dat ik tijdens inspanning nooit door mijn neus inadem en dus is het heel lastig voor me om uit te voeren. Als de ademhaling weer op automatische piloot gaat vergeet ik regelmatig mijn neus te gebruiken; om daar weer razendsnel aan herinnerd te worden als mijn hartslag omhoog vliegt en ik door mezelf afgeremd wordt. Ik laat Bas me beloven dat we dit nooit meer gaan doen, heb zelfs even het gevoel dat ik dit gewoon niet ga overleven als ik mijn longen zo blijf tarten, maar blijf wel doorgaan.

Neus in-mond uit. Neus in-mond uit en weer omhoog.

Er lijkt geen einde aan te komen en even verderop komen we aan op een recht stuk (Soirococha-4400 m), waar ik even wat zuurstof krijg in de hoop dat het wat beter wordt. Veel verschil merk ik niet, de kroel van Bas en zijn lieve woorden dat ik het wel kan helpen veel beter!

Het is nog steeds onder 0 en de lagen kleren blijven aan. Zweet zit alleen onder de laagjes, maar door de kou valt dit reuze mee. Te lang stil staan zorgt echter voor kou en we gaan dus weer door. Inmiddels is het pas 8:45 en we moeten nog verder omhoog. We zijn op 4400 meter en dus over de helft. Voor mijn motivatie helpt dat niet, maar we gaan door. Bas blijft nu bij me en helpt me met kleine stapjes en de stokken omhoog. De stukken die we omhoog lopen worden steeds korter en de pauzes steeds langer. Elke haarspeldhoek is weer een pauzemoment. Het uitzicht dat steeds mooier wordt, zie ik niet op dat moment. Ik ben niet de enige. Iedereen hier zit te puffen en neemt steeds pauze. We lijken in de buurt te komen en elke 5 meter een pauze blijft gehandhaafd.

Neus in-mond uit en weer een paar meter omhoog. Mijn horloge is uitgevallen van de kou, dus mijn hartslag kan ik niet meer checken, maar voelen wel.

Uiteindelijk, om 10:10 kom ik aan op het hoogste punt, 4628 meter; de Salkantay pas. En ik moet heel hard huilen. De ontlading. Ik heb het gehaald! Bas is super trots op me en kroelt me aan alle kanten. Ik ben ontzettend emotioneel na dit moment waarvan ik echt dacht dat ik het niet ging halen. We hebben het gehaald. Victor komt me kroelen en vindt het een superprestatie. Ik ben helemaal kapot! Nadat we allemaal aangekomen zijn offeren we wederom 3 coca-blaadjes aan de Pachamama door een plaatsje te zoeken en een stapeltje stenen op te bouwen. We doen een groepsknuffel; hebben het allemaal gehaald!

Mijn rug doet zeer, mijn longen doen zeer en voelen een sterke druk en het is ijskoud in de pas. Uiteraard, want alle wind waait over de kam. We maken dus een snelle foto bij het hoogste punt, zoeken (nadat ik een beetje bijgekomen ben) nog een letterbox die Bas vindt, omdat ik voor mijn gevoel geen meter meer kan lopen en moeten dan nog 18 km naar beneden lopen. Vanavond slapen we namelijk op 2900 meter (1700 meter lager) en omdat we voor de lunch al op 4100 willen zitten gaan we snel weer.

Naar beneden gaat me goed af, zeker met behulp van de stokken van Victor en behalve wat pijn bij mijn longen (vanwege het actieve inademen door de neus) en rugpijn valt het reuze mee. Eenmaal af van het hoogste punt wordt het ook wat warmer en beter te doen. Toch blijft naar beneden lopen ook echt wel uitkijken en waar ik veel moeite heb met naar boven lopen op deze hoogte heeft Bas juist moeite met naar beneden lopen; vanwege zijn knieën. Die krijgen steeds een opdonder en dat kost hem veel energie. Maar waar hij er voor mij was omhoog, ben ik er voor hem omlaag en zo komen we op ons gemakje lekker naar beneden. Rond 13:00 eten we een heerlijke lunch met pompoensoep, gele rijst, rundvleeswraps, burrito’s (onvoorstelbaar wat die koks allemaal gemaakt krijgen met deze simpele kookmaterialen).

Ik ga plat op mijn rug liggen om mijn rug te ontlasten en merk later dat het juist met rugzak op beter gaat met mijn rug. Onze groep gaat verder en terwijl wij rustig aan lopen samen met Erica en Victor, is het voorste deel van onze groep op een gegeven moment verdwenen. We komen ook langzaam van het gras-steenland, terecht in het regenwoud waar het regent dat het giet. Poncho aan dus en dooorrr. Mijn energie komt weer terug en daarmee ook mijn kletsjes. We kletsen heel wat af met Erica en dat is reuze gezellig. Victor kan ons veel vertellen over cultuur en dus leren we veel van hem. We noemen hem gekscherend ons coca-kauwer, omdat hij structureel coca-blaadjes kauwt (goed tegen hoogteziekte) en hij bij elke kennis die hij tegen komt (en dat zijn er veel) geen handshake uitdeelt, maar coca-leaves. Tijd inschatten gaat hem minder goed af en de grap is dus al snel: ‘we moeten nog Victors tijd x 2’.

Rond 17:30 arriveren we bij onze tweede overnachting in Chaullay en daar is het een drukte van jewelste.

Op 2900 meter is deze overnachting ruim 1000 meter lager en dus warmer! Jeeeeee!!! Ik ben gelijk al blij. Wel veel Britten hier en dus is het na het eten nog lang onrustig. De kleine betonnen gebouwtjes hebben een bovenverdieping van hout waarop onze tenten staan en dus staan ze een klein beetje beschut voor de eventuele kou. Na het wederom soep, 3-gangen-diner met spaghetti, champignon-tomatensaus en avocado-groentesalade duiken we er om 20:00 in voor een lange nacht. De Britten en honden in de buurt zijn nog lang onrustig, maar gelukkig hebben wij oordopjes en die doen prima hun werk.

Maandag

Deze nacht maken we serieus gewoon 8 uur! Ik ben een gelukkig mens! De warme flessen in onze aan elkaar geritste slaapzakken zijn zelfs te warm en het kukelen van de haan maakt ons om 04:00 wakker. We snoezen nog wat, krijgen onze coca-thee-wake up om 5:00 en ruimen net als gisteren onze spullen op en in, waarna we weer op weg gaan. En deze dag gaat me goed af. 1000 meter maakt een wereld van verschil en zeker nu we vandaag voornamelijk afdalen. We vertrekken wederom om 06:00 voor een wandeling van 7 uur en die gaat door het regenwoud; prachtig! Het is werkelijk genieten met al die mooie tropische planten en Victor vertelt ons over de vele verschillende soorten orchideeen die hier groeien en bloeien. Na het eerste klimmetje, dat mijn hartslag prima aan kan, gaan de drie lagen kleding uit: eerst de muts, het vest, de long-sleeve, de thermobroek, de afritspijpen; Totdat ik uiteindelijk gewoon in korte broek en shirtje rondloop. Het wordt een heerlijke dag met vooral veel genieten. Met ongeveer 3,5 km/u kunnen we prima uit de voeten en we genieten van de vele mooie uitzichten. Het gaat immers om de weg, niet om het einddoel. We zien veel effecten van erosie, maar ook planten die wij als onkruid zien, prachtige besneeuwde bergtoppen, gevaarlijke afgronden en nog veel meer. We maken foto’s, lachen veel en lopen maar door. Het gaat lekker met mijn benen, vandaag willen ze wel weer; zowel omhoog als omlaag.

Na ongeveer 19 km wandelen, 6,5 uur verder, komen we aan bij onze lunchplaats, waar we na de heerlijke maaltijd afscheid nemen van Victor, de Italiaanse en Spaanse dames en de koks. De rest doet de 5-daagse trail en gaan nog een dagje door, maar wij (Erica, Bas en ik) doen de 4-daagse trail en dus gaan wij met Alex mee. Het afscheid met Victor is best emotioneel. Victor beschrijft dat hij ons ook echt in die dagen ziet als familie en dat het lastig is om familie te laten gaan! We bedanken hem hartelijk voor zijn goede zorgen; wat een fijne gids weer!

We rijden naar Hydro-electric parc vanwaar we nog 10 km wandelen naar Aguas Calientes. Met 30 km omhoog en omlaag in de benen vandaag hebben we wederom een uitdagende prestatie geleverd. Gelukkig werkte mijn ademhaling dit keer beter mee! Wat een ontzettend heftige dagen zijn de afgelopen 3 dagen geweest. Letterlijk met pieken en dalen. Het is moeilijk om je eigen grenzen te erkennen en te accepteren als je gewend bent dat alles normaal gewoon zou kunnen gaan. Ontzettend frustrerend is het als je lichaam niet wil wat je zelf mentaal graag wel zou doen. Maar daardoor voelt de prestatie die we geleverd hebben wel des te meer als een ontzettende overwinning. We zijn heel erg trots op elkaar dat we onder deze omstandigheden deze prestatie hebben geleverd en zo fijn dat we elkaar hadden. Voor mijn gevoel had ik het zonder Bas niet gered. Dankzij zijn fijne lieve motiverende woorden kon ik toch nog een beetje meer dan ik voor mijn gevoel in mijn mars had. En hoe vaak ik ook de gedachte had ‘waarom ben ik dit in HEMELSNAAM aan het doen?!’, toch hebben we het maar mooi gedaan. Deze prestatie pakt niemand ons meer af. De Salcantay-trail is afgevinkt van de bucketlist. De zwaarste trail rond Machu Picchu hebben wij succesvol afgerond. Trots op ons!

Over de laatste dag in Machu Picchu lees je in de volgende blog.

Share

5 gedachten over “Pieken en dalen [Salkantay-trail]

  1. Ohhh, Ine wat een emotioneel mooi verhaal. Heb met tranen in mijn ogen zitten lezen. Ben super trots op jullie prestatie want dat is het zeker! 😘😘😘

  2. Ademloos 😲 je (geweldig geschreven) verhaal gelezen. Gevoelens van bezorgdheid🤔 en trots 🤗wisselden elkaar af.
    Prachtig dat het gelukt is👍, een ervaring die je je leven lang zal bijblijven, maar ik hoop dat het nu goed met jullie gaat en dat de komende uitdagingen behapbaar zijn. Veel plezier nog en kijk goed uit. 😃😘

  3. “Adembenemend”

    *Letterlijk!

    Maar figuurlijk ZEKER weten!
    Een bijna 5000-der bedwingen, is GEEN kleinigheid!
    Gelukkig ontvingen jullie het grote cadeau van deze super expeditie!
    Het “Machtige uitzicht”!

    Trots op jullie! 🍀👍🤗

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *